× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
† ca 500  Tathan van Llandathan

Tathan (ook Athaeus, Dathai, Dathan, Tathaeus, Tathai, Tathar of Tatheus) van Llandathan (ook van Caerwent), Wales, Engeland; abt; † ca 500.

Feest 1 januari (met alle Bretonse missionarissen in Groot-Brittanië) & 26 december.

Hij was een zoon van de Ierse vorst Tuathal en kreeg een opleiding met het oog op een kerkelijke functie. Nog in Ierland ontving hij de priesterwijding. Vervolgens zou hij in gezelschap van zeven monniken vanuit Ierland naar het zuiden gevaren zijn in een inlandse boot van riet met huiden overtrokken, maar zonder roer of zeil. Zo kwam hij uiteindelijk in de monding van de Severn bij Wales terecht.

Maar Owen, geciteerd door Garaby, noemt hem in zijn lijst van missionarissen die vanuit Bretagne naar Groot-Brittannië overstaken om er kloosters te beginnen of het evangelie te verkondigen. Ze worden gezamenlijk herdacht op 1 januari. Hij voegt eraan toe dat hij achtereenvolgens Llandathan en Bangordathan stichtte, kapelaan werd bij Ynor-Went, maar op zijn oude dag terugkeerde naar zijn eerste vestiging; daar stierf hij en werd hij begraven.
[Gby.1991p:535]

Op uitnodiging van de plaatselijke koning, Caradoc, stichtte hij inderdaad klooster Llandathan in Gwent (= het huidige Glamorganshire). De bijbehorende kloosterschool was binnen korte tijd zo beroemd dat 'van overal geleerden kwamen toegestroomd om zich verder te bekwamen in alle takken van wetenschap'. Zo behoorde de latere Sint Cadoc van Llancarfan († 570; feest 23 januari) tot zijn leerlingen. Deze was - zoals toen bij hoogstaande families niet ongebruikelijk was - op jonge leeftijd door zijn ouders aan het klooster toevertrouwd, 'omdat zij dit klooster de voorkeur gaven boven alle andere kloosters van Brittannië'. Twaalf jaar verbleef Cadoc bij Tathan. Daarna trok hij naar Ierland.

Toen de zoon en opvolger van Caradoc, Ynyr, een klooster met kloosterschool stichtte te Caerwent in Monmouthshire, benoemde hij Tathan tot eerste abt.

In de wijde omtrek genoot Tathan aanzien als 'Vader van heel Gwent', als de verdediger van de bossen uit die streek en als wonderdoener. Hij was nooit boos, elk geschenk dat hij kreeg, gaf hij onmiddellijk weer weg, geen mens was vriendelijker dan hij, als het om onthalen en verzorgen van gasten ging.'

Legenden
Allerlei prachtige verhalen doen over hem de ronde. Zo zou hij eens de paarden van de koning hebben gedood, omdat ze zijn weidegrond kapot liepen. Toen de koning in alle nederigheid zijn verontschuldigingen had aangeboden, wekte hij de dieren weer tot leven. Het was ook een paard dat hem aangaf waar hij een nieuwe kloostervestiging moest bouwen.

Op een ander moment werd er een koe van het kloosterbezit gestolen. Hij volgde de hoefafdrukken van het dier in de stenen ondergrond en kwam uit bij het hof van een adellijke heer,  Gwynllyw. Die had het dier geslacht om het zijn gasten voor te zetten, maar het gestolen vlees bleek niet aan de kook te komen. Tathan wekte het dier weer ten leven en nam het mee terug naar zijn klooster.

Van diezelfde Gwynllyw wordt nog een curieus verhaal verteld. Hij wilde de heilige abt op de proef stellen. Hij nodigde hem bij zich uit, maar verborg onder de zitting van de zetel van zijn gast een pan kokend water. Toen Tathan erop plaats nam, werd zijn gastheer getroffen door een verstarring zodat hij geen vin meer kon verroeren. Pas toen hij te kennen gaf dat hij spijt had van zijn dwaasheid werd hij uit zijn benarde situatie verlost.

Eens roofde een wolf een van Tatheus' biggetjes, maar kwam de volgende dag in ruil daarvoor een van haar eigen jongen brengen. Het wolvenjong werd door de kloosterzeug gezoogd en toen het volwassen was geworden diende het als beschermer van de  kudde.

Verering & Cultuur
De inwoners van Caerwent menen dat hij bij hen is gestorven en dat zij zijn rustplaats in hun midden hebben. Maar de traditie die beweert dat hij begraven ligt in zijn eerste vestiging Llandathan, heeft - historisch gesproken - betere papieren.


Bronnen
[D'A.1985p:34.92; Frm.1996p:448; Hnk.1991p:200; Nwm.z.j.jr0500; Rge.1942p:251»Tathai; Rge.1942; Rge.1989p:529; Tou.1995p:54.55; Dries van den Akker s.j./2008.12.20]

© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
© AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen