× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
† 1989  Zes Jezuïetenmartelaren van San Salvador en 2 anderen

Info afb.

Jezuïetenmartelaren van San Salvador, El Salvador; 6 jezuïetenmartelaren met 2 anderen; † 1989.

Feest 16 november.

Op 16 november werden in San Salvador zes jezuïeten om het leven gebracht, tezamen met de kokkin van de communiteit en haar dochter:

Ignacio Ellacuría sj, Segundo Montes sj, Ignacio Martín-Baró sj, Amando López sj, Joaquín López y López sj, Juan Ramón Moreno sj, Elba Julia Ramos en Celina Marisela Ramos.

Eén van de huisgenoten van de paters was op het moment van de brute moord niet thuis: Jon Sobrino. Hij verbleef in Thailand om er gastcolleges te geven. Hij vertelt later:
"Ik was sinds 13 november in Thailand om cursussen te geven. Heel laat in de nacht van 16 november - het was 11 uur 's morgens in San Salvador - werd ik gewekt door een telefoontje van een Ierse priester uit Londen. Hij was een goede vriend van ons; hij kende elk van ons persoonlijk: een vriend van ons en van San Salvador. Hij had - half slapend, de nieuwsberichten op de BBC gehoord. Ze meldden dat er iets gebeurd was met de jezuïeten, die verbonden waren aan de Universiteit in El Salvador, mijn huisgenoten dus. Aan de andere kant van de lijn hoorde ik zeggen:
"Er is iets vreselijks gebeurd."
"Dan weet ik het al, reageerde ik, dan hebben ze Ellacuría eindelijk te pakken gekregen en gedood...?"
Maar ik wist het niet. Hij vroeg me of ik zat en of ik iets had om te schrijven. Toen ik 'ja' had gezegd, ging hij door: "Ze hebben Ignacio Ellacuría vermoord."
Ik bleef stil en schreef niets op. Ik was er immers al bang voor geweest. Maar mijn vriend was nog niet klaar:
"Ze hebben Segundo Montes, Ignacio Martin Baro, Amando Lopez, Juan Ramon Moreno en Joaquin Lopez y Lopez vermoord."
Hij las de namen langzaam voor. Elk ervan bleef nadenderen als hamerslagen die mij met volle kracht troffen. Ik schreef mee, na elke naam hopend dat het de laatste was, en dan kwam er weer één. Tot het einde. De hele communiteit, al mijn huisgenoten waren uitgemoord. Plus nog twee vrouwen. Zij leefden in een huisje bij de ingang van het universiteitsterrein. Uit angst voor de dreigende situatie hadden ze de paters gevraagd om bij hen in huis de nacht te mogen doorbrengen. Dan voelden ze zich veiliger. Ook zij waren meedogenloos vermoord: Julia Elba Ramos, sinds jaren de kokkin van de jezuïeten, met haar vijftienjarige dochter Celina."

De paters hadden in hun wetenschappelijke arbeid steeds aandacht gevraagd voor de situatie van de armen en de mensenrechten in hun land. Ze hadden nooit aangezet tot politieke actie, wel wetend hoe kwetsbaar ze zich dan zouden maken. Als er in die situatie mensen genuanceerd waren geweest, dan juist zij wel. Maar zelfs die prudente houding was voor degenen die alleen maar alles te verliezen hadden, te bedreigend geweest. Zij waren hun medebroeder Rutilio Grande († 1977; sterfdag 12 maart) en de beroemde bisschop van El Salvador Oscar Romero († 1980; sterfdag 24 maart) in het martelaarschap gevolgd. Celina betaalde met haar leven voor het feit dat zij de dochter was van Julia Elba Ramos; en zij op haar beurt werd het slachtoffer, omdat ze voor de paters had gezorgd...


Bronnen
[Dries van den Akker s.j./1999.04.18]

© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
© AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen