× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
† ca 560  Lunaire van Bretagne

Info afb.

Lunaire (ook Léonor of Luner, verlatijnst tot Leonardus) van Bretagne, Frankrijk; abt (& bisschop?); † ca 560.

Feest 1 juli & 2 september (met alle bisschoppen van Rennes)

Lunaire is één van de kleurrijke Bretonse heiligen uit de vroege middeleeuwen.

Hij was een zoon van koning Hoël I, bijgenaamd 'de Grote' van Bretagne, en van de heilige Pompea († 6e eeuw; feest 26 juli). Hij werd geboren op het moment dat het koninklijk paar in Wales verbleef. Daar bracht hij zijn jeugd door. Hij werd er achtereenvolgens leerling van de heilige Iltut († ca 505; feest 6 november) en de heilige Dubritius († 545; feest 14 november). Toen heel Groot-Brittannie onder de voet werd gelopen door de Saksen, stak hij over naar zijn vaderland en vestigde zich in het noorden van Bretagne. Daar herstelde hij een vervallen kapelletje, hield er preken voor de plaatselijke bevolking en leidde er zijn kluizenaarsleven. Al gauw sloten zich enkele mannen uit de omgeving bij hem aan. Het land was woest en weerbarstig, en het kostte grote moeite bomen te kappen en grond te bewerken.

Legende

Op een goed moment zijn er uit het bos - aldus de legende - twaalf herten verschenen die zich aan de heilige hebben aangeboden om zijn ploeg te trekken.

Zou dat een poëtische manier van zeggen zijn voor het feit dat zich wellicht twaalf volgelingen bij hem voegden om zich toe te wijden aan het gestrenge leven van gebed en werk in dienst van Christus...? Deze veronderstelling is des te waarschijnlijker omdat in de Franse taal het woord voor 'hert' ('cerf') hetzelfde klinkt als voor 'ondergeschikte', 'lijfeigene' of 'slaaf' ('serf').

Naast dit alles had Lunaire veel te stellen met de politieke verwikkelingen van zijn tijd. Zijn broer was intussen koning van Bretagne geworden: Hoël II. Maar die werd vermoord door een jaloerse edelman, Conao genaamd. Deze Conao trouwde vervolgens met de  weduwe van de vermoorde koning. Een doorn in het oog van de rechtgeaarde Lunaire. De zoon van Hoël kwam bescherming zoeken bij zijn oom in het afgelegen klooster, maar Lunaire besefte heel goed dat de jongen daar beslist niet veilig was. Inderdaad raakte deze dan ook op een dag verwikkeld in een gevecht met Conao zelf. Lunaire probeerde tussenbeide te komen. Toen de moordenaar van zijn broer hem een zweepslag in het gezicht toediende, werd de heilige zo kwaad, dat hij het paard van zijn belager in de flanken stak, zodat het op hol sloeg en een eind verder van de rotsen stortte. Niet alleen brak het dier zijn nek, maar ook zijn berijder werd gewond; hij brak zijn been op drie plaatsen. De legende wil dat hij geruime tijd later aan de gevolgen hiervan onder heftige pijnen overleed...

Dat is echter moeilijk te rijmen met het historische feit dat Conao later meedeed aan een opstand tegen zijn eigen vader, Clotarius, koning van Frankrijk.

Volgens een plaatselijke overlevering, te vinden bij Garaby, volgde hij Placidus op als achtste bisschop van de stad Rennes. De historische betrouwbaarheid van deze traditie wordt echter zeer betwijfeld. Lunaire zou nooit bisschop zijn geweest.  Nog altijd volgens diezelfde traditie zou hij enige tijd later opgevolgd zijn door Moran I. Hij moet gestorven zijn rond het jaar 560.

Verering & Cultuur
Lunaire wordt vooral vereerd in het diocees Rennes. In de kathedrale kerk van de stad was vroeger een kapel die aan hem was toegewijd. Verschillende Bretonse plaatsen zijn naar hem genoemd, zoals Lunaire, Lourmel en Launneuc.

De kerk van de Bretonse plaats Trélévern is aan hem (en Sint Anna) toegewijd.
Er wordt daar een processievaandel bewaard met een bijzonder verhaal (zie afbeelding 3):
‘Op 28 juli 1944 worden twee Duitse soldaten in elkaar geslagen in een café te Trélévern. De daders weten te ontkomen. Vijf mannen en een vrouw (de secretaresse van het gemeentehuis) worden in gijzeling genomen en gevangen gezet in een Duitse commandopost. Omdat de secretaresse weigert de namen te geven van mensen in het verzet, en wordt op 30 juli 1944 ve-roordeeld; zij zal – evenals de vijf gijzelaars – op 2 augustus 1944 worden gefusilleerd. Pastoor Monjaret, rector van Tré-lévern biedt zich aan als gijzelaar in plaats van de secretaresse van het gemeentehuis, die een gezin heeft. Maar zijn aanvraag wordt door de Duitsers verworpen. Het hele dorp verwacht minstens dood en verwoesting. De Duitsers besluiten het dorp in vlammen te doen opgaan en steken het stadhuis in brand.
Op 2 augustus verwoesten twee Russische officieren die thuishoren in het leger van Vlassov, tezamen met vijftien maquisards de Duitse commandopost van Penvénan. De gijzelaars weten te ontsnappen en houden zich verborgen. De brand van Trélévern waar elk ogenblik de Amerikanen verwacht worden, wordt voorkomen. Na de bevrijding en de terugkeer van de krijgsgevangenen wilden pastoor Monjaret en de inwoners van Trélévern hun beschermheiligen bedanken voor het feit dat zij de ramp hebben afgewend welke hun op 30 juli 1944 boven het hoofd hing. 
Ze organiseerden een collecte en lieten een cappa vervaardigen ter ere van St Anna, evenals een vaandel ter ere van St-Léonor en St Anna.’


Bronnen
[Mül.1860»Leonardus; Dries van den Akker s.j./2010.06.22]

© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
© AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen