× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
† ca 493  Mochaoi van Nendrum

Mochaoi (ook Caolan, Caylan, Coelan, Mo-Chae, Mochae, Mo-Choe, Moeliai of Moelray) van Nendrum, Ierland; stichter; † ca 493.

Feest 23 & 26[D'A.1985p:15] juni.

Er is veel onduidelijkheid over het verband tussen de namen Mochaoi met al zijn varianten enerzijds en Caylan met varianten anderzijds. Waar D'Arcy te spreken komt over de kinderen van Miluic noemt zij Caylan als eerste abt en stichter van Nendrum; bij de bespreking van Colman van Dromore heeft zij het over 'Coelan (otherwise called Mo-Choe) of Nendrum'. Sprott Towill geeft Mochaoi, en noemt Caylan als diens direte opvolger. Dat laatste zou kunnen kloppen met Woulfe, die zes heiligen opsomt met de naam Caolán, van wie er niet een zijn feest heeft op 23 (of 26) juni!? Is Mochoai dus dezelfde als Caylan, of gaat het om twee onderscheiden personen? Wij geven er de voorkeur aan om ze met elkaar te identificeren.

Hij is een zoon van Miluic's dochter Bronach. Deze Miluic, ook wel Miliuc of Maelchu genaamd, was de druïde aan wie Sint Patrick († 461; feest 17 maart) op zestienjarige leeftijd als slaaf was verkocht en bij wie hij zes jaar had doorgebracht, alvorens hij had weten te ontsnappen.

Na zijn ontsnapping had Sint Patrick rondgezworven door Gallië; daarbij had hij ook de kloosters van Tours en Lérins aangedaan. In 431 was hij naar zijn geboorteland Ierland teruggekeerd 'met de heerlijke bedoeling' om het tot Christus te brengen. Zo ging hij ook langs bij zijn voormalige meester Miluic. Maar deze wilde er niets van weten: omgaan met eem voormalige slaaf was een schande in de opvatting van de heidense Ieren. De druïde sloot zichzelf op in zijn huis en stak het in brand...

Met Miluic's familieleden had Sint Patrick meer succes. Hij gaf zijn zoon Guasacht een gedegen vorming en wijdde hem tot bisschop van Granard in het graafschap Longford; zijn gedachtenis staat op 24 januari. Twee van Miluic's dochters, de beide Emers, legde hij de maagdensluier op en plaatste hen in een vrouwenklooster, volgens zeggen het eerste in Ierland; zij worden gevierd op 11 december. Op 1 januari staat de gedachtenis van een zoon van een andere zoon van Bronach: Colman Muilinn (= 'Colman van de Molen'); waarschijnlijk leidde hij het leven van een kluizenaar?

Mochoai zou stichter worden van het klooster Nendrum of Nendruim. Hij was nog maar een klein jongetje geweest, toen Sint Patrick hem een bijzondere zegen had gegeven en had voorbestemd voor een kerkelijke functie.

Destijds was Nendrum een eiland; tegenwoordig is het verbonden met het vasteland van Strangford Lough door middel van een dijkweg. Vanuit zijn kloostervestiging ondernam hij missiereizen in de wijde omgeving, tot in Schotland aan toe.

In Nendrum had hij onder meer Sint Colman van Dromore († ca 550; feest 7 juni) onder zijn monniken; hem benoemde hij tot leermeester van de aan de kloosterschool toevertrouwde jongetjes, hoewel Colman zelf nog een jongeman in opleiding was. Gaf hij hier door wat hijzelf destijds van Sint Patrick had gekregen: vertrouwen op (zeer) jonge leeftijd? Tot de jongens aan wie Colman lesgaf, behoorde Finian, de latere abt van Movilla († 6e eeuw; feest 10 september).

Verering & Cultuur

Mochoai's naam leeft voort in het Schotse plaatsje Kirkmahoe bij Dumfries, en waarschijnlijk ook in de plaatsnaam Clasmahew in de Rinns, eveneens in Schotland. Nog lang na Mochaoi's dood werd zijn abtsstaf vereerd als een heilig relikwie; hij zou hem van Sint Patrick zelf gekregen hebben, toen deze hem aanstelde aan het hoofd van Nendrum. Er werden wonderkrachten aan toegeschreven: hij stond bekend als de vliegende of gevleugelde staf.

In de jaren twintig van de 20e eeuw werd Nendrum opgegraven. De omtrek van de kerk en van het schoolgebouw was gemakkelijk te herkennen. Ook kwamen er metalen scharnieren en stukken van eikenhouten deuren tevoorschijn. In de buurt had een ronde toren gestaan, die sporen van brand vertoonde; waarschijnlijk uit de tijd van de invallen van de vikingen. Verdere opgravingen brachten een stapel van menselijke botten aan het licht, die hadden toebehoord aan kleine, ronde mannen. Waarschijnlijk waren dit monniken die zich hadden verschanst in de toren en die in wanhoop naar beneden waren gesprongen om daar afgeslacht te worden door de aanvallers. Maar dit alles moet van veel later datum zijn dan Mochoai.


Bronnen
[D'A.1985p:15.37; Rge.1942» Moeliai; Rge.1989» Moeliai; Spt.1983p:179; Wfe.z.j.; Dries van den Akker s.j./2004.10.24]

© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
© AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen